ADHD en epigenetica
Wat als ADHD geen stoornis is, maar een epigenetische en neurologische aanpassing?
Introductie – persoonlijk
Ik schrijf dit artikel niet alleen als therapeut, maar ook vanuit mijn eigen leven.
Als vrouw met een neurodivergent brein, en als solo-mama van een kind dat even gevoelig, intens en neuro-atypisch is als ikzelf.
Jarenlang zocht ik verklaringen.
Niet om te labelen.
Niet om gedrag te corrigeren.
Maar om te begrijpen waar gedrag vandaan komt, en hoe we meer rust, veiligheid en vertrouwen kunnen brengen — in plaats van druk en aanpassing.
Dit artikel is geen diagnose en vervangt geen medisch of therapeutisch traject. Het biedt een aanvullende, Integratieve kijk die gedrag en neurodiversiteit in een bredere context wil plaatsen.
Het is een informatieve en bewustmakende kijk, bedoeld om gedrag in context te plaatsen, zonder ouders te culpabiliseren.
Wat bedoelen we vandaag met ADHD?
ADHD (met of zonder hyperactiviteit) wordt klassiek omschreven als een ontwikkelingsstoornis, gekenmerkt door:
aandachtsproblemen
impulsiviteit
innerlijke of uiterlijke onrust
moeite met plannen, organiseren en reguleren
Vanuit de neurowetenschappen weten we ondertussen dat bij ADHD vaak sprake is van:
een andere dopamineregulatie
een tragere rijping van de prefrontale cortex
uitdagingen in de executieve functies zoals:
plannen
focus vasthouden
impulsen stoppen
prioriteiten kiezen
Belangrijk:
👉 het probleem is niet “het kind wil niet”
👉 het probleem is “het zenuwstelsel kan het (nog) niet op het juiste moment”
Of eenvoudiger gezegd: de “nu-doen-knop” en de “stop-knop” werken niet synchroon.
Het zenuwstelsel – “nu doen / bevel geven”
Binnen verschillende lichaams- en bewustzijnsmodellen staat het zenuwstelsel symbool voor:
actie
richting
initiatief
beslissen
timing
afremmen en stoppen
Het zenuwstelsel coördineert:
wanneer iets gebeurt
hoe snel
met welke intensiteit
en wanneer iets afgeremd of beëindigd wordt
Dat is exact het domein waar ADHD zich toont.
Bij ADHD is het bevelsysteem actief, maar niet geïntegreerd.
het lichaam geeft bevelen
maar het bewustzijn zit niet altijd aan het stuur
er is actie zonder interne dirigent
Het kind:
doet vóór het voelt
beweegt vóór het begrijpt
handelt vóór het kan remmen
Niet uit onwil. Maar uit overlevingsintelligentie.
Epigenetica: wanneer biologie luistert naar ervaring
Epigenetica toont ons dat genen niet vastliggen.
Ze worden beïnvloed door de omgeving waarin iemand zich ontwikkelt.
Factoren zoals:
stress
emotionele veiligheid
relaties
conceptie / zwangerschap / bevalling
vroege levenservaringen/kindertijd
kunnen bepalen hoe genen tot expressie komen.
Belangrijk om dit expliciet te benoemen:
👉 dit gaat niet over schuld
👉 dit gaat over biologische aanpassing
Het zenuwstelsel doet altijd wat het kan om te overleven.
Wat bedoelen we met “vroege kindertijd”?
Met vroege kindertijd bedoelen we de periode: van vòòr de geboorte tot ongeveer 6 à 7 jaar.
Dit is een fase waarin:
het zenuwstelsel nog niet zelfstandig kan reguleren
de prefrontale cortex nog volop in ontwikkeling is
een kind volledig afhankelijk is van co-regulatie
Co-regulatie versus zelfregulatie
Dit onderscheid is essentieel.
Co-regulatie
In de vroege jaren leert een kind reguleren via de ander:
via nabijheid, stem, ritme, voorspelbaarheid en emotionele beschikbaarheid.Zelfregulatie
De capaciteit om emoties, impulsen en aandacht zelfstandig te sturen.
Deze functie is neurologisch pas volledig uitgerijpt rond 23–25 jaar.
👉 Kinderen leren zelfregulatie niet doordat ze het al kunnen,
👉 maar doordat hun zenuwstelsel eerst voldoende mee-gereguleerd werd.
ADHD als epigenetische en neurologische aanpassing
(geïnspireerd door het werk van Judith en Dr. Eduard Van den Bogaert - Psychogénéalogie: Manuel d'autodécryptage de votre arbre-minute / 10 september 2018)
In bio-decodage en transgenerationeel werk kijken we niet naar schuld, maar naar overlevingslogica..
Bij veel kinderen met ADHD zien we symbolisch:
een overactief, waakzaam zenuwstelsel
een innerlijk gevoel van:
“Ik moet nu reageren, anders is het niet veilig.”
Mogelijke (niet absolute) thema’s in de familielijn:
generaties waarin niet mocht worden gehandeld of gesproken
onmacht, onderdrukking of gebrek aan zeggenschap
bevelen die altijd van buitenaf kwamen
situaties waarin snel handelen essentieel was om te overleven
Het kind internaliseert actie; het lichaam handelt vaak vóór het denken.
In een bredere, biologische en transgenerationele lezing kan een kind gedrag tot expressie brengen dat verbonden is met spanningen of onopgeloste thema’s in zijn of haar familiale context — niet als schuld, maar als signaal van een systeem dat zich probeert te reguleren.
“Een kind kan pas sturen als het zich veilig voelt.”
ADHD, veiligheid en hedendaagse neurovisie
Moderne neurowetenschap en polyvagaal denken tonen iets fundamenteels:
een kind kan pas sturen als het zich veilig voelt.
Zelfregulatie ontstaat niet vanzelf. Ze ontstaat via co-regulatie.
Bij veel kinderen met ADHD zien we:
een chronisch geactiveerd stresssysteem
het lichaam zit al in “nu doen” vóór er een bewuste keuze is
het zenuwstelsel leeft in nu, niet in later
ADHD is dan geen gedragsprobleem, maar: een regulatieprobleem van timing, veiligheid en integratie
Een andere blik op ADHD
Geen fout, geen defect, geen te veel.
Wél:
een zenuwstelsel dat te vroeg, te snel en te alleen moest handelen.
Een zenuwstelsel dat vandaag vooral nood heeft aan:
vertraging
veiligheid
co-regulatie
duidelijke maar zachte begrenzing
ritme en voorspelbaarheid
lichaamsgerichte ondersteuning (niet enkel praten)
Tot slot
Dit artikel wil geen verklaringen opleggen.
Het wil ruimte maken.
Voor ouders.
Voor kinderen.
Voor jezelf.
ADHD is vaak geen probleem op zich.
Het is een antwoord van een zenuwstelsel dat ooit dacht: “Om te overleven moet ik moet nu handelen.”
En misschien…mag het vandaag een beetje rusten.